Terugblik uit de Staten: oordeelsvormende bijeenkomst over rapport van de Rekenkamer

Door 05-03-2020 maart 9th, 2020 Nieuws

Wordt er veilig en schoon gewerkt in Gelderland?

Op 12 februari 2020 vond tijdens de Statendag de oordeelsvormende bijeenkomst Rapport Rekenkamer Oost-Nederland Vergunningen Handhaving Toezicht (VTH) plaats.

De Rekenkamer Oost-Nederland heeft op 13 november jl. een onderzoeksrapport over vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) aan PS aangeboden. Het rapport geeft inzicht in de mate waarin de inzet van de provincie (en de omgevingsdiensten) bijdraagt aan een veilige en schone leefomgeving middels het bevorderen van naleving van bedrijven. Het rapport geeft een aantal aanbevelingen aan Gedeputeerde- en Provinciale Staten. Voor deze vergadering staat de vraag centraal in hoeverre PS deze aanbevelingen overnemen.

 Namens het CDA stelde Statenlid Bertine van Hooff-Nusselder een aantal vragen:

  • n.a.v. aanbeveling 3: Ga met Gedeputeerde Staten in gesprek over de TH-doelen.

De VTH is meer dan de actualiteit van vergunningen en naleefgedrag en daarmee zijn de huidige doelen niet dekkend. Moeten niet eerst de overige doelen dan bepaald worden voordat wij weten met elkaar hoe het nieuwe informatiesysteem met bijv. bruikbare outcome indicatoren dient te worden ingericht? Oftewel, moet er eerst een nieuw informatiesysteem komen om de doelen te kunnen stellen of moet eerst bepaald worden wat de doelen zijn en op basis daarvan wordt het informatiesysteem gekozen en ingericht? De rekenkamer (die ook aanwezig was) gaf ook als antwoord dat eerst de doelen moeten worden bepaald en dat pas daarna het informatiesysteem dient te worden uitgezocht.

 

  • n.a.v. Rapport Gelderland veilig, gezond en groen

Een aantal keer komt terug dat het basisniveau het overgrote deel van het werkpakket vormt

en dat er dus minder tijd is voor de beleidsspeerpunten. Hoe wordt dit nu dan opgelost?

Is er wel tijd, mankracht en budget voor de zaken die niet het basisniveau aangaan?

Zijn de extra fte die nu worden begroot voldoende om de stappen te kunnen zetten die nodig zijn? De gedeputeerde gaf aan dat er inmiddels al twee fte hierop zijn ingezet en er nog twee fte bijkomen. Hiervoor zijn in het najaar mede door PS financiële middelen ingezet.

  • n.a.v. Rapport Beleidsplan vergunningverlening, toezicht en handhaving fysieke

Leefomgeving

Hier wordt gesteld dat er in 2016 een nulmeting is uitgevoerd. Op deze wijze kunnen we zowel het naleefgedrag van individuele bedrijven als voor de taakvelden analyseren. Uit rapport Rekenkamer blijkt dat deze analyse nog helemaal niet goed gemaakt kan worden. Verder wordt gesteld dat bedrijven sinds 2010 jaarlijks worden gevolgd. Door toepassing van KPI naleefgedrag ontstaat op individueel niveau een waardering voor het naleefgedrag, waardoor bij slechte waardering de toezichtintensiteit wordt verhoogd en bij goede waardering de toezichtintensiteit kan worden verlaagd.

Kan dit wel nu blijkt dat dat niet wordt bijgehouden en er geen goede analyse kan worden gemaakt?

 

De conclusie van het CDA is om alle 8 aanbevelingen over te nemen waarbij CDA nog aan de gedeputeerde adviseert om alleen data te laten zien van bedrijven indien dit klopt; nu wordt een tabel gepubliceerd over naleefgedrag van bedrijven terwijl in nota van bevindingen van Rekenkamer blijkt dat deze tabel over het naleefgedrag van bedrijven niet klopt. Het rapport van de Rekenkamer geeft aan dat:

* data kloppen niet of zijn niet bijgehouden

* analyse over goed naleefgedrag van bedrijven over de jaren heen kan niet worden gemaakt omdat er geen totaalbeeld is van de resultaten van het toezicht (zie blz. 51 nota)

* om iets te kunnen zeggen over het doel van de provincie (verbetering van het naleefgedrag) is dus inzicht nodig in het naleefgedrag van individuele bedrijven over meerdere jaren. Een dergelijk overzicht ontbreekt. Er zijn wel jaarlijkse overzichten van het naleefgedrag van bedrijven, maar die zijn niet volledig en niet over de jaren heen gekoppeld. Dit betekent dat er geen trendanalyse gemaakt kan worden (blz. 54 nota)

– de provincie geeft aan dat het ontbreken van een totaalbeeld van resultaten van het toezicht (doordat elke omgevingsdienst maar een deel van de taken uitvoert) de toepassing van een goede, risicogerichte prioritering bemoeilijkt (blz. 64 nota).

 

Rekenkamer Oost geeft aan dat er met hoge mate getwijfeld kan worden aan de betrouwbaarheid van de tabel waarin het naleefgedrag van bedrijven wordt gepubliceerd.

Laten we vooral kijken naar de bedrijven die het wel goed doen en een inspirerend voorbeeld zijn. Verder hoopt het CDA dat met deze aanbevelingen de verdere professionaliseringsslag naar de toekomst toe kan worden gemaakt. Met name de keuze van de doelen, de keuze voor een informatiesysteem en indicatoren maar ook het bijhouden en opslaan van de juiste data zijn hierbij cruciaal. Verder is van belang om niet alleen reactief op te treden bij incidenten maar juist proactief vanuit preventie. De nieuwe omgevingswet is ook belangrijk bij de nemen stappen. CDA heeft er vertrouwen in dat met de aanbevelingen hier een goede richting in wordt geslagen. Verder zal er – mede op initiatief van GL – door verschillende partijen een werkbezoek worden afgelegd bij de ODRN en de ODRA. Ook zal er – mede op initiatief van PvdA – een ronde tafel georganiseerd worden m.b.t. de doelen van VTH. Ook hier zal CDA aan deelnemen. Tijdens de Provinciale Statenvergadering d.d. 4 maart 2020 heeft PS de aanbevelingen overgenomen en zullen de te nemen stappen worden ingezet. Namens het CDA heb ik het woord gevoerd en ons standpunt verder uiteengezet. We zullen met elkaar hard aan de weg moeten timmeren om de verbeteringen in gang te zetten.

Ga Terug
Nieuws